stichting Je Leefstijl Als Medicijn

Nachtbraker

Column nachtbraker (2)Een zacht ritmisch geluid maakt me wakker. Slaperig kijk ik om me heen. Mijn ogen gaan naar de klok. Enigszins onscherp zie ik de rode cijfers: 01:23.
Wheep, wheep, wheep, hoor ik. Het komt van buiten en hoewel ik het nog niet kan zien, weet ik wat het is.

De gordijnen zijn open, want ik word graag wakker van het ochtendlicht. Op het raam zie ik regendruppels en in de verte hoor ik de windgong. Het is onstuimig weer. Onbewust trek ik de deken wat dichter om me heen en doezel weer in.

Opnieuw hoor ik wheep, wheep - dit keer harder, urgenter. Ik doe mijn ogen open en kijk naar buiten. Achter het glas zit onze kat Rossi, een poot in de aanslag om opnieuw op het raam te kloppen.

Arm beest, maar hij wilde persé naar buiten in dit hondenweer.

Ik gooi de deken van me af, sta op en loop naar de voordeur. Wanneer ik de deur opendoe waait er een koude wind langs mijn lichaam. Rossi komt op een holletje naar binnen en strijkt zijn natte lijf langs mijn blote benen.

‘Hoi kerel’, zeg ik tegen hem en ga terug mijn bed in. Al snel ben ik weer in dromenland. Wanneer ik een paar uur later opnieuw wakker word, heeft dat niets met de kat te maken. Ondanks het onstuimige weer heb ik het ontzettend warm. Nu zal je denken; een vrouw in de overgang, maar ik heb dit al heel lang. Mijn man vergelijkt me al jaren met een straalkacheltje. Ik gooi de deken van me af en geniet van de koele nachtlucht.

Wanneer ik bijna slaap, hoor ik tap, tap, tap. Het komt uit de gang. Terwijl ik opsta, kijk ik naar buiten. Inmiddels is het droog. Dat heeft Rossi ook gezien en hij is er klaar voor om zijn nachtelijke avontuur te hervatten. Ik laat hem eruit en loop terug naar mijn bed. Daar ligt mijn man heerlijk te slapen, onbewust van de nachtelijke perikelen van onze kat.

Het is bijzonder hoe onze nachten verlopen. Niet alleen omdat ik zo zot ben om de nachtportier van onze kat te zijn, maar ook door hoe vernuftig ons lichaam werkt. Het geringste geluid haalt mij ’s nachts uit mijn slaap, en als de wekker afgaat, schrik ik overeind. Rond drie uur ’s nachts gaat er bij ons vaak écht een alarm af. Mijn man staat dan op om bij onze zoon, die diabetes type 1 heeft, zijn bloedsuiker te controleren. En vreemd genoeg slaap ik daar gewoon doorheen.

Onlangs heb ik me wat meer in het onderwerp slaap en de hormonale interacties verdiept. Deze inzichten helpen me om dingen te begrijpen. Het maakt het logisch dat we rond 03.00 uur de bloedsuiker van onze zoon controleren, in die uren is de cortisolspiegel* nog laag en maakt het lichaam minder glucose** vrij uit de lever. Het verklaart ook waarom ik zo hyperalert reageer op de wekker en het in de vroege ochtend zo warm krijg, blijkbaar reageer ik sterk op mijn cortisolproductie. Voor onze kat is dat een bijkomend voordeel, want die kleine nachtbraker heeft nu een persoonlijke nachtportier.

—----------------------

* Cortisol is een hormoon dat door de bijnieren wordt aangemaakt en helpt het lichaam om met stress en verandering om te gaan. Het zorgt ervoor dat er energie vrijkomt, onder andere door glucose uit de lever beschikbaar te maken. Cortisol beïnvloedt ook slaap, stemming, bloeddruk en het immuunsysteem.

Bij een gezond dag-nachtritme is de cortisolspiegel ’s ochtends het hoogst — om ons wakker en alert te maken — en daalt die in de avond om het lichaam tot rust te laten komen.

** Glucose is de suiker die in het bloed wordt gemeten als bloedsuiker. De hoeveelheid glucose in het bloed wordt gereguleerd door hormonen zoals insuline (dat opname in cellen stimuleert) en glucagon (dat glucose uit de lever vrijmaakt). Bij mensen met diabetes is die regulatie verstoord.