stichting Je Leefstijl Als Medicijn

"Ja dokter, ik ben nu eenmaal een Bourgondiër"

Column Bourgondiër

Soms zegt een patiënt, half grappend, half verdedigend, tegen mij: “Ja dokter, ik ben nu eenmaal een Bourgondiër, hè … ik wil gewoon genieten”. Eerlijk is eerlijk: van zo'n opmerking moet ik vaak glimlachen. Het woord Bourgondiër roept een warm beeld op: met lange tafels, goed gezelschap, volle glazen wijn en rijke smaken. Maar bekijk je het door een historische bril, dan ligt het toch iets anders. Want wie waren die oorspronkelijke Bourgondiërs eigenlijk… en hoe gezond leefden zij?

Het Bourgondische misverstand

De moderne 'Bourgondiër' is iemand die het leven graag viert. Maar de middeleeuwse Bourgondiër - vooral de elite aan het hof van Filips de Goede - nam dat genieten nogal letterlijk. Het hofmenu had veel weg van een permanent kerstbuffet met vele gangen, een overvloed aan vlees en vet, aan wit brood, honing, suiker én liters wijn. Er werd te veel, te rijk en te vaak gegeten. Gezellig? Zeker. Gezond? Absoluut niet. Schilderijen uit die tijd spreken boekdelen: de meeste mensen van adel hadden buikjes, dikke vingers door jicht, en soms opvallend bolle gezichten. Mijn diagnose? Met de kennis van nu zou het metabool syndroom avant la lettre zijn geweest.

Jicht: de middeleeuwse welvaartsziekte

Aan het Bourgondische hof kwam jicht opvallend vaak voor. Het stond bekend als de 'ziekte van de rijken'. En dat is niet zo vreemd. Een dagelijks eetpatroon vol suiker, witbrood, overvloedig vlees en liters wijn, gecombineerd met weinig beweging: dat leidt onvermijdelijk tot hoog urinezuur. Ook obesitas en vermoedelijk vroege atherosclerose (vaatverkalking) vormden geen uitzondering aan het hof, al werd dat toen natuurlijk niet zo genoemd.

“Ja maar dokter, vroeger waren mensen toch nóg ongezonder?”
Dat hangt er sterk van af over wie je het hebt.

De aristocraten leden onder de overvloed aan eten: een permanent all-you-can-eat-buffet en overmatig alcoholgebruik zorgden voor overgewicht, jicht, vaatverkalking en leverproblemen.

Stedelingen kenden die overvloed niet, zij worstelden met andere problemen, zoals drukte, viezigheid, een slechte hygiëne, kans op infecties en tekorten aan vitaminen.

En de boeren? Zij aten vaak eenzijdig, werkten keihard, waren meestal slank tot mager en hadden waarschijnlijk de beste insulinegevoeligheid van het hele Bourgondische rijk. Zij leden daarentegen weer aan voedingstekorten, kampten vaak met darmparasieten en leden soms zelfs honger. 

Kortom, geen enkele groep leefde gezond volgens ons huidige ideaalbeeld. 

De Bourgondiër van nu

En daar zit ‘m nu net de crux. De moderne Bourgondiër - de gezellige Brabander of Vlaming die zegt dat hij van lekker eten houdt - lijkt opvallend veel op de Bourgondische aristocraat, en minder op de hardwerkende boer. Veel zitten, veel eten, regelmatig alcohol, weinig groenten: ons Bourgondische zelfbeeld komt metabool gezien sterk overeen met het hof van Filips de Goede. Ook al geven we dat liever niet toe.

Leven als Bourgondiër, mét een gezond lijf

Terug naar de spreekkamer. Als iemand zegt: “Ik bén nu eenmaal een Bourgondiër”, zeg ik meestal: “Prima. Maar leef dan als een Bourgondiër nieuwe stijl.” Daarmee doel ik op een Bourgondiër die:

-    geniet van écht eten
-    kiest voor kwaliteit boven kwantiteit,
-    zijn glas wijn bewaart voor een bijzonder moment
-    beweging meeneemt in het totaalplaatje
-    en weet dat te veel van het goede gewoon te veel is

Historisch gezien maken de Bourgondiërs van toen ons één ding duidelijk: overvloed kent zijn prijs. Anders gezegd: genieten mag best, maar lukt het best als je lichaam niet voortdurend brandjes hoeft te blussen.

Bronnen:

•    Chris Dyer - Standards of Living in the Later Middle Ages. Uitstekende reconstructie van voeding & levensstandaard in Engeland. Goed toepasbaar op Bourgondische Nederlanden (hoge betrouwbaarheid, vergelijkbare economie).
•    John Hatcher & Mark Bailey – Modelling the Middle Ages: The Population of England 500–1520. Demografische modellen die breed toepasbaar zijn (hoge betrouwbaarheid).
•    P. Galanaud et al. – epidemieën in Dijon (diverse artikelen). Specifiek voor Bourgondië, focust op 1400 & 1438–40 (middelhoge betrouwbaarheid voor mortaliteit; hoge voor epidemiepatroon).
•    Montanari – Let the Meatballs Roll: Meat Consumption in Medieval Europe. Voedselsamenstelling, elites vs boeren (hoge betrouwbaarheid).
•    Teresa Witcombe – Eating the Middle Ages. Voeding, rituelen, iconografie; lagere detailbetrouwbaarheid maar goed voor context.
•    Anthropologisch onderzoek naar skeletten uit Bourgogne, Vlaanderen, Engeland (o.a. Oxford, Durham). Jicht, atherosclerose, ondervoedingspatronen herkenbaar (middel–hoge betrouwbaarheid).